hero
DRPP
Small but without limits

Europese luchtvaart

1. Bij toepassing van de Belgische wet van 15 mei 2006 worden vrij zware strafsancties voorzien voor een reeks van overtredingen binnen de Europese luchtvaart. Dit heeft betrekking op twee Europese verordeningen inzake onder andere het luchtvervoer, de ene verordening nummer 889/2002 betreffende ongevallen, en de tweede verordening 261/2004 welke een regeling voorziet van compensatie en bijstand aan gestrande passagiers.

2. In deze korte samenvatting zal vooral aandacht besteed worden aan de regeling van compensatie en bijstand aan gestrande passagiers.

3. Om toch te beschikken over een globaal beeld voor de toepasselijke wetgeving en ook de mogelijkheden terzake, is het voorafgaandelijk nuttig te wijzen op het bestaan van het “Verdrag van Montreal” van 28 mei 1999. Dit verdrag overstijgt Europa, en is alleszins al goedgekeurd door België door de wet van 13 mei 2003. Dit laatste verdrag voorziet reeds concrete systemen van schadevergoedingen zowel bij een ongeval, als in geval van vernieling, verlies of beschadiging van aangegeven bagage. Dit leidt automatisch tot een verantwoordelijkheid, doch die dan beperkt is tot een bedrag van ongeveer 1.170 € (dit is een wat variërend bedrag omdat in het verdrag dit in feite uitgedrukt is in zogenaamde grote Bijzondere Trekkingsrechten (BTR), een muntkorf van onder andere EURO, USD en YEN).

Deze beperking voor de schadevergoeding kan maar doorbroken worden indien er bij de afgifte van de bagage een bijzondere verklaring werd afgegeven omtrent het belang van de aflevering, en dit tegen betaling van een eventueel verhoogd tarief. In die omstandigheden is de vervoerder verplicht het bedrag van de opgegeven som te betalen, tenzij hij aantoont dat het bedrag werkelijk belang van de passagier bij de aflevering te boven gaat.

In geval van vertraging wordt verder bepaald dat de vervoerder aansprakelijk is voor de gevolgen van de passagiers, zijn bagage en eventueel vervoerde goederen, doch waarbij de aansprakelijkheid beperkt wordt tot 4.150 BTR (ongeveer 4.900 €). Dit is de regeling zoals bepaald door het Verdrag van Montreal.

4. De Europese verordening 261/2004, die in werking trad op 17 februari 2005, en die in feite een aanvullende bescherming biedt naast de regeling van het Verdrag van Montreal, is uiteindelijk wat concreter. Deze is van toepassing op all vluchten die vanuit een Europese luchthaven vertrekken en alle vluchten die vanuit een niet-Europese luchthaven vertrekken en op een Europese luchthaven aankomen ( en op voorwaarde vlucht uitgevoerd door een Europese luchtvaartmaatschappij (1)

De annulering van een vliegtuig

4.1. De annulering van een vliegtuig betekent dus het niet uitvoeren van een geplande vlucht. Wanneer een annulering van een vlucht aan de passagiers wordt medegedeeld, moet hen ook worden uitgelegd welk alternatief vervoer er voorhanden is. Opgelet, het zijn enkel annuleringen op het laatste ogenblik die hiervoor in aanmerking komen. De passagier heeft op dat ogenblik alleszins recht op bijstand (onder meer gratis maaltijden en verfrissing in redelijke verhouding tot de wachttijd) afhankelijk van de vluchtafstand en de duur van de vertraging. Indien de uitgestelde of alternatieve vlucht pas ’s anderendaags plaatsvindt, heeft men ook recht op hotelaccommodatie met vervoer heen en terug tussen de luchthaven en de accommodatie.

Ook heeft de gestrande reiziger recht op twee gratis telefoongesprekken of fax of e-mailberichten. Er is in die omstandigheden zelfs sprake van een forfaitaire compensatie indien er geen snelle alternatieve vlucht voorhanden is. Die compensatie is een forfaitaire vergoeding die schommelt tussen 125 en 600 €, dewelke binnen de zeven dagen dient betaald te worden. In geval van annulering kan deze compensatie wegvallen indien de luchtvervoerder zou kunnen aantonen dat er hier sprake zou zijn van buitengewone omstandigheden die niet konden voorkomen worden, zoals in geval van een politieke onstabiliteit, weersomstandigheden die de uitvoering van de vlucht in kwestie verhinderen (zie vb. Brxl.17.11.2016, R.D.C. 2017/6, pag. 654 sneeuwlaag 10 cm Zaventem), beveiligingsproblemen, onverwachte vliegveiligheidsproblemen (zoals een terreuraanslag) of stakingen.

Vertraging van een vliegtuig

4.2. Bij vertragingen wordt er een onderscheid gemaakt tussen een vertraging tussen 2 en 5 uur en één meer dan 5 uur.

Een vertraging van minder dan 2 uur geeft geen aanleiding tot vergoeding. Bij de beperkte vertraging heeft de passagier recht op hogervermelde bijstand.

Bij een vertraging van minstens vijf uur hebben de passagiers de keuze tussen een volledige terugbetaling van het ticket binnen de zeven dagen voor het gedeelte of de gedeelten van de reis die niet zijn gemaakt, evenals voor het gedeelte en de gedeelten van de reis die reeds gemaakt zijn, indien verder reizen in het licht van het oorspronkelijke reisplan geen zin meer heeft. Of het aanvaarden van de bijstand waardoor de luchtvaartmaatschappij op zoek gaat naar nieuwe vluchten.

5. Het onderscheid tussen vertraging en annulering van een vliegtuig ligt dus vooral in de voorziene compensaties (125 tot 600 €), die wel voorzien zijn bij annulering maar niet bij vertragingen. Dit betekent dat een luchtvervoerder er zelf belang bij hebben om een annulering te doen voorkomen.

Dank zij arresten van het Europees Hof van Justitie ( die bindend zijn voor de EU lidstaten) (oa CJEU Sturgeon arrest 19.11.2009 (C-402/07 - ECLI:EU:C:2009:716; Tui arrest 4.9.2014, C-452/13- ECLI:EU:C:2014:2141) worden langdurige vluchtvertragingen ( met name meer dan 3 uur ) gelijkgeschakeld met annulatie. Intussen heeft het Belgisch Hof van Cassatie ( Cass.12.10.2017, C.17.0279.N/1 en C17.0278.N/1) - voor zoveel als nodig - het bindend karakter van deze rechtspraak van het HvJ bevestigd.

6. Voortbouwend op deze rechtspraak heeft het Hof van Justitie recentelijk op 7 september 2017 ( Bossen arrest, C-559/16, EU:C:2017:644 ) geoordeeld dat de vergoeding voor de vertragingen bij vluchten met tussenstop ( waarbij de vertragingen samengeteld worden om de grens van 3 uur te bekomen ) berekend wordt op basis van de afstand tussen plaats van vertrek en de finale bestemming ( dus alsof het rechtstreeks zou zijn - cfr. onder 1.500 km afstand 250€ vergoeding, en binnen de EU en meer dan 1.500 km 400€. Indien een online reisagent, zelf 2 weken op voorhand verwittigd door de luchtvaartmaatschappij de klant laattijdig verwittigt, dan nog moet de luchtvaartmaatschappij zelf vergoeden ( tussen 250 en 600 cfr. supra ) ( arrest Krijgsman ( C-302/16, 11 mei 2017 ). Of het feit dat een wilde staking ( ingevolge aangekondigde herstructureringsmaatregelen ) niet wordt aanzien als buitengewone omstandigheid, zodat vertraging of annulering wel aanleiding geeft tot vergoeding ( arrest Krüseman ( C-195/17, 17 april 2018 ). Of de mogelijkheid wanneer een luchtvaartmaatschappij in haar prijszetting tav de consument de belastingen, luchthavengelden en andere heffingen, toeslagen en vergoedingen niet apart heeft aangeduid, dat algemene voorwaarden die voorzien in bijkomende administratieve onkosten bij annulatie of niet verschijnen voor een vlucht nietig kunnen worden verklaard ( arrest Air Berlin ( C- 290/16, 6.7.2017 ). Op 27 juni 2018 heeft het Hof van Justitie zelfs een arrest geveld dat opening biedt om zelfs schadevergoeding te vragen na 2 uur vertraging.

/new/15/

Bij arrest van 21.12.2021 wordt dit zelfs teruggebracht tot 1 uur! ( Azurair ECLI:EU:C:2021:1038)

7. Normaal zou al deze informatie ( niet de uitspraken van het HvJ ) vindbaar moeten zijn bij het inchecken. In de praktijk worden in sommige luchthavens slechts in de hall naast de incheckbalie één of meer algemene panelen aangebracht, waarop het door de Europese commissie gerealiseerde handvest van de passagiers wordt vermeld. Meer informatie is terug te vinden op de website van de Europese Unie (http://europa.eu/youreurope/citizens/travel/passenger-rights/air/index_nl.htm) evenals een formulier om een klacht neer te leggen.

(1)cfr.R.Van Der Bruggen, Rechtspraakoverzicht vliegtuigpassagiersrechten, DCCR nr 128, 2020, pag.82.